Uitgebreide Producenten Verantwoordelijkheid Textiel

Wat is uitgebreide producentenverantwoordelijkheid?

Een Uitgebreide Producenten Verantwoordelijkheid (UPV) maakt producenten en importeurs verantwoordelijk voor de gehele cyclus van een product, tot en met de afvalfase. De overheid wil daarmee bedrijven stimuleren om een stijgend percentage afval voor hergebruik en recycling in te zetten en als nieuwe grondstof beschikbaar te krijgen. Ook andere sectoren, zoals autobanden, auto’s matrassen, verpakkingen en elektrische apparaten werken met UPV. In andere EU-landen gelden al vergelijkbare regels en UPV-wetgeving is vanaf 2025 overal in de EU verplicht.

Individuele verplichtingen voor producenten en importeurs
Het Besluit UPV Textiel is een wettelijke verplichting en treedt in werking in 2023. Met het Besluit UPV Textiel worden producenten en importeurs van kleding en huishoudtextiel verantwoordelijk voor de afvalfase van producten die zij in Nederland op de markt brengen.

Het Besluit UPV Textiel stelt producenten en importeurs individueel verantwoordelijk voor:

  • de organisatie van een passend gescheiden inzamelsysteem plus de financiering hiervan.
  • de verplichting te zorgen voor recycling en hergebruik van het ingezamelde textiel.

Daar heeft de overheid doelstellingen aan gekoppeld: 50% van de afzet op de Nederlands markt moet in 2025 gerecycled/hergebruikt worden en stapsgewijs loopt dit op tot 75% in 2030 en 100% in 2050. Nu wordt 35% hergebruikt en gerecycled.

Wat betekent dit voor mijn organisatie?​

Het Besluit UPV Textiel geldt voor producenten en importeurs die beroepsmatig consumenten- en bedrijfskleding, tafel-, bed- en huishoudlinnen voor het eerst in Nederland in de handel brengen. Dit geldt ook voor textiel met gerecycled content. Het maakt daarbij niet uit aan wie het product wordt aangeboden; dit kan zijn aan een bedrijf, of direct aan een consument.

Bent u producent of importeur volgens het Besluit UPV Textiel? Dan bent u verantwoordelijk voor de gescheiden inzameling en verwerking van afgedankte textiel. U moet ervoor zorgen dat consumenten en andere eindgebruikers altijd, overal in Nederland en kosteloos uw producten kunnen afgeven bij een innamepunt. Ook moet u kunnen aantonen wat er met het textielafval gebeurt. En u doet jaarlijks verslag van de hoeveelheid textiel die u in Nederland in de markt heeft gezet en of en hoe de doelstellingen van inzameling, recycling en hergebruik zijn behaald.

Als producent en importeur van kleding en textiel heeft u formeel een individuele verantwoordelijkheid, maar u mag deze laten uitvoeren door een collectief/producentenorganisatie.

Stichting UPV Textiel helpt u graag te voldoen aan de wet. Samen maken we de sector duurzamer.

Waarom deelnemen aan het collectief?

Het organiseren van een passend, effectief en betaalbaar inzamelsysteem en het behalen van de doelstellingen voor hergebruik en recycling is complex en kostbaar. Zeker wanneer u daar individueel voor moet zorgen. Het is dan ook belangrijk krachten te bundelen en financiële lasten te verdelen. Stichting UPV Textiel maakt, namens u en andere deelnemende bedrijven, afspraken met gemeenten, inzamelaars, sorteerders, kringloopwinkels, recyclers en met bedrijven die nieuwe initiatieven voor inzameling en verwerking ontwikkelen. Met de jaarlijkse bijdrage, die u vanaf 2024 betaalt over het gewicht van kleding en textiel dat u jaarlijks in Nederland in de handel brengt, worden de kosten voor inzameling en verwerking van producten gedekt en kan een deel worden geïnvesteerd in innovaties en kennisdeling op het gebied van hoogwaardige recycling. Zo kunnen bedrijven samen verantwoordelijkheid nemen en de gestelde doelstellingen realiseren.

Door deelname aan Stichting UPV Textiel voldoet u op eenvoudige en betaalbare wijze aan uw UPV-verplichtingen en maken we samen de sector duurzamer.

Veel gestelde vragen

Het Besluit UPV Textiel geldt voor producenten en importeurs die beroepsmatig consumenten- en bedrijfskleding, tafel-, bed- en huishoudlinnen voor het eerst in Nederland in de handel brengen. Dit geldt ook voor textiel met gerecycled content. Het maakt daarbij niet uit aan wie het product wordt aangeboden; dit kan zijn aan een bedrijf of direct aan een consument.

Een producent/importeur is diegene die als eerste textiel in Nederland in de handel brengt. Meestal is dit gelijk aan het moment dat de eerste keer BTW in rekening wordt gebracht.

Bijvoorbeeld:

  • Een merk/brandowner gevestigd in Nederland die de productie zelf in handen heeft.
  • Een (online) retailpartij gevestigd in Nederland die (ook) onder eigen merk kleding/textiel op de markt brengt (bijv Bijenkorf of H&M)
  • Een importeur van kleding/textiel die aan andere bedrijven verkoopt, bijv. aan retailers zoals een supermarkt.
  • Een in het buitenland gevestigde online partij die vanuit een opslaglocatie in het buitenland direct aan de Nederlandse consument levert (bijv Amazon, SHEIN, Aliexpress). Deze e-commerce partij is daarnaast verplicht om in Nederland een gemachtigd vertegenwoordiger aan te wijzen voor de uitvoering van alle verplichtingen in het kader van UPV Textiel

Voor het Besluit UPV Textiel wordt niet aangemerkt als producent/importeur:

  • Een kringloopwinkel voor de verkoop van Nederlandse tweedehands kleding. Immers deze kleding is al in de handel gebracht.
  • Een bedrijf dat is gevestigd in Nederland en halffabrikaten/basismaterialen levert voor het vervaardigen van consumenten- en bedrijfskleding en bed-, tafel- en huishoudlinnen.

In een aantal specifieke gevallen geeft de wet nog onvoldoende uitsluitsel. Hiervoor kan nadere invulling aan het Besluit UPV Textiel nodig blijken.

Het Besluit UPV Textiel heeft betrekking op consumentenkleding (HS/GN 61 en 62), bedrijfskleding (61 en 62), bedlinnen (6302), tafellinnen (6302) en huishoudlinnen, bijvoorbeeld handdoeken en theedoeken (6302), zonder onderscheid van huishoudelijk of bedrijfsmatig gebruik. Onverkochte voorraden en retouren vallen niet onder het Besluit UPV Textiel als aantoonbaar is dat ze niet in de handel zijn gebracht.

De UPV-plicht geldt voor producten die in Nederland in de handel zijn gebracht. De producent/importeur geeft alle producten op, ongeacht of duidelijk is waar de producten later in de keten naartoe gaat. Uitgangspunt is dat de bijdrage 1 keer wordt betaald. Binnen het collectief werken we aan een verrekening en is exportrestitutie mogelijk voor textiel waarover een bijdrage is betaald, zoals bij andere UPV-systemen. Dit moet nog verder worden uitgewerkt in samenspraak met de sector om te kijken wat een praktisch hanteerbare systematiek is. Bij individuele deelname (niet via een collectief) is een dergelijke verrekening niet eenvoudig te realiseren.

Producenten/importeurs hebben formeel een individuele verantwoordelijkheid, maar het Besluit UPV Textiel stelt dat deze collectief mag worden uitgevoerd door middel van een producentenorganisatie. MODINT en INRETAIL hebben het initiatief genomen voor een collectieve uitvoering door de oprichting van de Stichting UPV Textiel. Deze stichting zal optreden als producentenorganisatie en werkt voor de hele sector, zowel leden als niet-leden. In sectoren die voorgingen, blijkt dit de beste manier om de UPV efficiënt uitvoerbaar en betaalbaar te houden. De stichting streeft naar samenwerking met systemen in andere EU-landen. Daar hebben internationaal actieve ondernemingen een belang bij.

De EU heeft harmonisatie door middel van richtlijnen in het vooruitzicht gesteld. Iedere EU-lidstaat moet uiterlijk in 2025 de gescheiden textiel inzameling vormgeven. De wettelijke achtergrond daarvan is de recente actualisering van de EU Waste Framework Directive. Dit is een van de redenen dat in Nederland het Besluit UPV Textiel is ontstaan. De verplichting tot een adequaat inzamelsysteem is daarin gelegd bij de producenten. De verwachting is dat diverse lidstaten het voorbeeld van Frankrijk (al 12 jaar) en Nederland zullen volgen. Modint is aangesloten bij de Europese branchevereniging Euratex en lobbyt met hen om binnen de Europese textielsector op het terrein van UPV voor harmonisatie te zorgen.

Uitgangspunt is dat de te vormen structuur aansluit bij de bestaande infrastructuur voor textielinname en -verwerking. Op dit moment wordt 35% hergebruikt en gerecycled en dat moet naar 50% in 2025. Er moeten dus extra maatregelen komen. Hierover gaat de stichting namens de aangesloten producenten en importeurs in gesprek met gemeenten, inzamelaars, sorteerders, kringloopwinkels, recyclers en met bedrijven die nieuwe initiatieven voor inzameling en verwerking ontwikkelen. Ook is het belangrijk dat consumenten worden gestimuleerd textiel beter te scheiden.

Stichting UPV Textiel heeft een begroting opgesteld van de kosten voor het opzetten en inrichten van een collectief inzamel- en verwerkingssysteem. Hiervoor is pas in 2024 een voorlopige bijdrage voorzien om deze kosten te financieren. Deze is voor 2024 geraamd op gemiddeld circa € 0,03 per stuk. Voor 2025 komt de begroting voor het eerste operationele jaar uit op een bijdrage van gemiddeld circa € 0,06 per stuk. Dit zijn indicaties en gebaseerd op een geraamde marktomvang in stuks en een grote deelname aan de collectieve melding door de stichting. In 2023 is een kostprijsonderzoek gepland om samen met de diverse partijen de totale kosten van inname en verwerking van afgedankte textiel nauwkeurig en zo betrouwbaar mogelijk in kaart te brengen. Dit vormt de basis voor de jaarlijkse bijdrage. Het kostprijsonderzoek zal periodiek plaatsvinden.

De wet gaat uit van een te rapporteren gewicht (kilo’s), de handel werkt vaak met stuks. Voor het opgaafsysteem is nu nog niet vastgesteld of producenten/importeurs kilo’s of stuks moeten opgeven. Stichting UPV Textiel gaat dit opgaafsystematiek verder ontwikkelen in samenspraak met de sector. Uitgangspunt daarbij is een eerlijk en praktisch toepasbaar systeem.

De producent/importeur betaalt de producentenorganisatie een bijdrage voor het meer en beter gescheiden inzamelen en het behalen van de doelen voor hergebruik/recycling, het bevorderen van noodzakelijke innovatie/transitie naar circulair, samenwerking voor duurzaamheid in de supply chain & verwerkingsketen.

Iedere producent/importeur is volgens het Besluit UPV Textiel verantwoordelijk voor het in de handel gebrachte gewicht. Echter, een klein deel van de bedrijven zal het grootste deel van het gewicht in de handel brengen. Om de administratieve lasten laag te houden voor bedrijven die een relatief laag gewicht in de handel brengen, onderzoekt de Stichting UPV Textiel de mogelijkheid om een drempel te hanteren.

Stichting UPV moet op grond van het Besluit UPV Textiel beoordelen of tariefdifferentiatie op basis van duurzaamheidsindicatoren haalbaar en zinvol is. De stichting zal hier komende tijd nader onderzoek naar doen, bijvoorbeeld om de toepassing van recycled content in kleding/textiel te stimuleren. De stichting zal nauw samenwerken met de sector om een eerlijke en toepasbare vorm van tariefdifferentiatie te ontwikkelen.

Als u zich aanmeldt bij het collectief, dient u een deelnemersovereenkomst te ondertekenen. Hierin geeft u aan dat de stichting namens u de UPV-verplichtingen zal uitvoeren en dat u afspraken die hieraan gekoppeld zijn zult nakomen. In de toevoeging op de deelnemersovereenkomst, de Textielbeheersbijdrage Overeenkomst (TBBO), staat de verdere uitwerking mbt tarieven, drempel en afspraken die gemaakt zijn met andere stakeholders. Deze laatste zal in de loop van 2023 aan u worden voorgelegd.

Ter voorbereiding op de melding van het collectief bij het Ministerie van IenW doet u een schatting van de hoeveelheid textiel die u in 2023 in Nederland in de handel verwacht te brengen. Dit is een eerste opgave die uitsluitend nodig is voor de melding, daar wordt nog geen bijdrage voor berekend. Vanaf 2024 doet u opgaaf over de hoeveelheid textiel die u daadwerkelijk in de handel brengt. Op basis hiervan betaalt u in 2024 een voorlopige bijdrage. Hoe die opgaaf er precies uit komt te zien, bijvoorbeeld opgave in stuks of kilo’s, wordt in 2023 vastgesteld.

De animo is er: veel ondernemingen zijn inhoudelijk geïnteresseerd en nemen het onderwerp serieus en geven aan zich aan te willen sluiten bij het collectief. Net als bij andere UPV-systemen, heeft het collectief volume nodig om een efficiënt, effectief en betaalbaar inname-en verwerkingssysteem in Nederland voor textiel op te kunnen zetten. We rekenen op een meerderheid van het totale gewicht dat in de markt wordt gezet en van het totaal aantal ondernemingen. Voor een Algemeen Verbindend Verklaring, waarmee alle producenten/importeurs die textiel in Nederland in de handel brengen een textielbijdrage moeten betalen, is deze meerderheid nodig.

Stichting UPV Textiel maakt afspraken over inname en verwerking met diverse stakeholders en zal erop toezien dat deze worden nagekomen. Daarnaast hebben deelnemers de verplichting om hoeveelheden op te geven en de bijdrage te betalen. De stichting monitort en doet verslaglegging aan het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en is voor de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) het aanspreekpunt voor naleving namens de deelnemers.

nl_NL